• u bent nu hier :
  • home
  • >
  • Publicaties
Actueel

Publicaties | ZAR

Opgravingen in Geldermalsen-Hondsgemet. Een inheemse nederzetting uit de Late IJzertijd en Romeinse tijd

ZAR35 PUBLICATIEDATUM 01 OKTOBER 2009 | DOOR J. VAN RENSWOUDE / J. VAN KERCKHOVE « Terug naar overzicht  Bestel publicatie ยป

Het rapport Geldermalsen-Hondsgemet behandelt de resultaten van drie onderzoekscampagnes die door ACVU-HBS in samenwerking met ADC Archeoprojecten zijn uitgevoerd van 2003 tot 2005. Op het terrein met een totale oppervlakte van 82 hectare, is de nederzettingskern van ruim 5 hectare opgegraven. Het onderzoek bood een unieke kans deze vindplaats, met bewoning van de Late IJzertijd tot de laat-Romeinse tijd integraal, te onderzoeken.
De sporen en structuren zijn ondergebracht in een vijftal fasen, die een beeld geven van de ontwikkeling van de bewoning:
1 Late IJzertijd (ca. 200/150-50 voor Chr.). De bewoning is op zowel de westelijke als de oostelijke oever van een watervoerende geul gesitueerd. In totaal zijn 99 structuren gevonden, waaronder gebouwplattegronden, kuilen, greppels en een inhumatiegraf. Opmerkelijk zijn de vele metaalvondsten uit deze tijd (waaronder smeedslakken, een smeltkroes, bronzen armbanden), alsmede het hoge percentage aan runderbotten.
2 Late IJzertijd/vroeg-Romeinse tijd (ca. 50 voor-50 na Chr.). In deze periode liggen de erven noordwestelijk van de Late IJzertijdbewoning. Belangrijke vondstcategorieën zijn de fibulae (waaronder kapfibulae van het type Kessel en het type Lith), gordelhaken, glazen armbanden, munten en geïmporteerd aardewerk.
3 midden-Romeinse tijd 1 (ca. 50-120 na Chr.). Er kunnen in deze periode verschillende erven worden onderscheiden. Opmerkelijk is een erf met een gemarkeerde doorgang, dat waarschijnlijk toebehoorde aan een persoon met een hogere status. Het fokken en houden van paarden neemt toe. In deze periode kan een verandering van de sociale organisatie in de nederzetting worden waargenomen.
4 midden-Romeinse tijd 2 (ca. 120-270 na Chr.). Rond 120 na Chr. vinden ingrijpende veranderingen in de nederzetting plaats. In tegenstelling tot voorgaande perioden worden de erven niet verplaatst wanneer een huis wordt herbouwd. Evenals bij bewoningsfase 1 is sprake van speciale deposities, zoals een bronzen ketel met daarin een complete kan van ruwwandig aardewerk. De deposities zijn gevonden aan de buitengrens van het nederzettingsterrein en in waterputten.
5 laat-Romeinse tijd 1 (ca. 270-350 na Chr.). Aan het begin van deze fase wordt de gehele nederzetting opnieuw ingericht, maar verandert weinig aan de nederzettingsstructuur. Veel van de metaalvondsten zijn van Germaanse afkomst en er zijn aanwijzingen gevonden voor brons- en ijzerbewerking. De bewoners van de nederzetting lijken in deze fase veeteelt en waarschijnlijk ook akkerbouw te combineren met ambachtelijke activiteiten.

In deel 1 van de publicatie wordt uitvoerig ingegaan op de landschappelijke context van de vindplaats, de datering en periodisering van de structuren en op het specialistisch onderzoek van de verschillende vondstcategorieën. Deel 2 betreft de uitgebreide catalogus van de structuren en verschillende vondstgroepen. Verder zijn hier de literatuurlijsten en bijlagen te vinden. In deel 3 zijn 26 kaartbijlagen gebundeld, waaronder de alle-sporenkaart, kaarten per fase, een puttenplan en verspreidingskaarten op A3-formaat, de profielen en een Harris-matrix op A1 formaat.

Copyright 2017 © VUhbs | Disclaimer | Sitemap | Site by Websculptures
Volg ons via Facebook | Volg ons via Twitter | Volg ons via Linkedin | Volg ons via Youtube |

VUhbs

De Boelelaan 1105 T. +31(0)20 5986516
1081 HV Amsterdam E. info@vuhbs.nl